Dinsdag 5 mei

Rijhulpsystemen en verkeersveiligheid

Rijhulpsystemen – ADAS – zijn niet meer weg te denken uit moderne auto’s. Adaptive Cruise Control, Lane Keeping Assist en Intelligent Speed Assistance (ISA) beloven meer veiligheid en comfort, maar in de praktijk blijkt dat veel automobilisten onvoldoende weten wat hun auto wel en niet kan. Juist daar ligt een belangrijk verkeersveiligheidsvraagstuk, stelt Jos van Kleef, sinds begin 2025 voorzitter van de ADAS-alliantie.


Van Kleef is geen onbekende in de mobiliteitswereld. Met ruim twintig jaar ervaring – onder meer als algemeen directeur van Goudappel en bestuurder bij Vialis – kent hij de verkeerskunde van binnenuit. “Dit onderwerp raakt gedrag, techniek, infrastructuur én beleid. Dat maakt het complex, maar ook urgent”, zegt Van Kleef.


Een belangrijk instrument van de alliantie is de jaarlijkse ADAS-monitor. Daaruit blijkt dat veel automobilisten onvoldoende zicht hebben op de rijhulpsystemen in hun voertuig. “Een aanzienlijk deel weet simpelweg niet wat er op de auto zit, of wat de systemen wel of niet kunnen.” Een mooi voorbeeld is het gebruik van Lane Keeping Assist in de sneeuw. “Dat werkt dan niet, als alles wit is. De systemen hebben ook beperkingen.”


Tegelijkertijd zijn gebruikers die hun systemen wél kennen over het algemeen tevreden. Systemen als Adaptive Cruise Control reageren sneller dan de mens en kunnen de verkeersveiligheid verhogen. “Maar alleen als ze correct worden gebruikt. ADAS is ondersteuning, geen vervanging van de bestuurder.”


Afleiding en frustratie

Naast onwetendheid signaleert de ADAS-alliantie ook een ander risico: afleiding. Ongeveer 30 procent van de gebruikers geeft aan dat rijhulpsystemen hen juist minder alert maken. “Dat leidt tot situaties die we niet willen. Het vraagt om betere uitleg en realistische verwachtingen.”


Daarbij speelt het gebrek aan uniformiteit tussen merken een rol. Fabrikanten gebruiken verschillende termen, interfaces en logica. “Technisch kunnen systemen goed functioneren, maar zo worden ze niet altijd ervaren. Dat vergroot de frustratie en vergroot de kans dat bestuurders systemen uitschakelen.”


De alliantie kan de werkwijze van autofabrikanten niet afdwingen, maar zet wel in op betere instructie bij aflevering van auto’s. Dat geldt nadrukkelijk ook voor huurauto’s. “Je stapt in en rijdt weg, zonder uitleg. Terwijl juist daar extra aandacht nodig is.”


Effect op andere weggebruikers

ADAS raakt niet alleen de automobilist zelf, maar ook de omgeving. “Rijhulpsystemen zijn sterk afhankelijk van infrastructuur, dus van belijning, eenduidigheid en zichtbaarheid. Spitsstroken en complexe wegvakken zijn voor systemen vaak lastig.” Volgens Van Kleef is betere afstemming tussen voertuig en infrastructuur cruciaal om ook kwetsbare weggebruikers beter te beschermen.


Tastbare verbeteringen

De ADAS-alliantie richt zich de komende tijd op een aantal tastbare verbeteringen. Zo wordt ADAS per 1 april opgenomen in het theorie-examen van het CBR. “Dat is een belangrijke stap om het kennisniveau structureel te verhogen.”


Daarnaast zorgt Europese wetgeving ervoor dat garagehouders vanaf dit voorjaar informatie ontvangen van fabrikanten over de aanwezige rijhulpsystemen bij occasions. “Dat legt de basis voor betere uitleg en bewuster gebruik.”


Uiteindelijk ziet Van Kleef ADAS als een opstap naar verdergaande automatisering. “We zitten nu op niveau 2. De stap naar niveau 3 is juridisch en maatschappelijk ingewikkeld. Juist daarom is het nu zaak om het fundament goed te leggen, met kennis, realistisch gebruik en aandacht voor verkeersveiligheid.”


Over de ADAS-alliantie

De ADAS-alliantie is een in 2019 opgericht convenant tussen zeven partijen, waaronder het ministerie van IenW, ANWB, RAI Vereniging, BOVAG, RDW, het Verbond van Verzekeraars en de Vereniging van Nederlandse Autoleasemaatschappijen. Doel: het veilig gebruik van Advanced Driver Assistance Systems verbeteren en zo bijdragen aan het terugdringen van verkeersslachtoffers.


Sinds 2025 staat Van Kleef als onafhankelijk voorzitter aan het roer, een rol die expliciet losstaat van de belangen van de deelnemende organisaties. De alliantie zoekt bewust de samenwerking met externe partijen. Van Kleef: “We zeggen niet alleen wat er moet gebeuren, maar vragen ook: wat kun jij als garagehouder, opleider of werkgever concreet doen? Juist die vertaalslag maakt het verschil.”


Lees hier het originele artikel op verkeerskunde.nl.